Slow Running

Vandaag heb ik één van de moeilijkste trainingen gegeven die een coach je kan geven. Traag lopen, hoe doe je dat en wat is eigenlijk traag? Een manier van bewegen die haaks staat op ons denken van alledag en die al zeker haaks staat op de manier waarop onze maatschappij geordend is. Geen enkele vezel in ons lijf wil traag lopen. En laat dat nu net de manier zijn om sneller te worden. Traag lopen legt de basis van alles. Het kweekt je mentale weerbaarheid, vormt je loopstijl, kneedt je trage spiervezels tot werkbare spieren, etc. Traag lopen is essentieel in elk schema en eens je het kent, wordt dat je favoriete training. Helaas moet je eerst je suiker ( glucose) -verslaving overwinnen en je vetvoorraad leren aanboren. Het moeilijkste om uit te leggen is het tempo. Je kan je baseren op HR gaande van 60% van je maximale HR of 30 slagen onder je treshold en ga zo maar door. In de meeste schema’s staat bij de trage duurloop een ritme waarbij je niet helemaal dat diepliggend vermogen kan pakken. Daar is uiteraard niets mis mee en in optimalisatie van je loopstijl is het een uitdaging om een gebied te verkennen dat je zelden of nooit hebt opgezocht. Uiteindelijk blijf je achter met een traag ritme dat je ontdekt en waarbij je merkt dat je na een half uur anders loopt dan ooit daarvoor. Je lijf reageert precies niet meer, de pijn die je voelt ligt dieper en je wordt precies stijf. Na een uur begint het de eerste keren dat er zo gelopen wordt echt pijn te doen. Dus Elisabeth Dehandschutter Erwin Tielemans Bea Tondeleir Robby HoskensKristel Bal jullie zullen het moeten uitzoeken gaandeweg de volgende drie maanden. Veel zal afhangen van het gevoel na training. Pijnlijk maar anders. Succes!!

Advertenties

Barefoot

Veel vragen de laatste tijd rond de zin en onzin van blootvoets lopen. Moet dat nu echt, zo in de plassen op blote voeten lopen? Er ligt overal glas, ik ga daarin trappen, … en ga zo maar door. Uiteraard moet je een beetje uitkijken waar je je voeten zet. Alleen is die bezorgdheid een beetje voorbijgaan aan de doelstelling van blootvoets lopen. De ambitie van een barefoot training is de basis van je loopbeweging en het apparaat waardoor je automatisch ( je leest het goed) je loopeconomie zal optimaliseren, beter te ontwikkelen.

Door het dragen van schoeisel dat meer en meer dempend wordt, herkennen onze voeten de bodem niet meer en kunnen zij niet meer gepast reageren. Het gevolg is dat je voeten neerzetten een beetje Russische roulette spelen is. Dat kan een keer fout gaan. Natuurlijk moet je niet overdramatiseren.  Enkel pleit is als coach voor het voldoende stimuleren van de voeten en dito spieren. Hierdoor worden ze sterker en intelligenter. Door blootvoets te trainen, bij voorkeur op verschillende ondergronden, stimuleer je maximaal je natuurlijk looppotentieel. En voorkom je een behoorlijk aantal blessures van de voet, enkel en het onderbeen.IMG_1541

Nooit meer schoenen?

Het voorgaande betekent voor mij niet dat er vanaf nu zonder schoenen moet gelopen worden. De juiste schoen aan je voeten geeft bij een optimaal getrainde atleet een verbetering in zijn loopeconomie. Daarover gaat dit artikel niet.

Belangrijk is wel dat de basis van je beweging en de informatie die daaruit voorkomt naar boven toe, deze heeft een impact op je loopcoördinatie en je fysieke mogelijkheden, optimaal ontwikkeld worden. Uiteindelijk train je daarvoor.

Tip

Elk verstanding loopschema bevat minimaal één barefoot moment.

Lopersknie can be a bitch

Lopersknie of de pijn aan de buitenkant van de knie iets onder het centrum, steekt deze periode van het jaar vaker de kop op. Het opdrijven van kilometers heeft daar vermoedelijk wat mee te maken. Het verzwakken van onze corestrength doet daar ook geen goed aan. Echter lopersknie kan je vermijden, dat is de basis.

De meest gekende oorzaken voor lopersknie zijn:

  1. Te snel het aantal kilometer opdrijven, altijd dezelfde omloop nemen, …
  2. Zwakke bil- en/of bovenbeenspieren zijn een belangrijke oorzaak. Door verminderde controle van deze spieren zak je meer door de heup, kantelt het bekken en draait de knie meer naar binnen. De spanning op de peesplaat neemt hierdoor toe en er zal extra wrijving tussen de peesplaat en de knie ontstaan.
  3. Core instability.
  4. Onbalans in spierlengte of spierkracht van de bilspieren, bovenbeenspieren, hamstrings of de TFL zelf.
  5. geen optimale schoenen
  6. Verkeerde looptechniek, dan kan de pasfrequentie zijn, neerkomen voor de knie, …

Voor elk van deze mogelijke oorzaken zijn oplossingen. Echter waar ik in dit artikel de aandacht voor vraag is je loopstijl. Deze kan energie vreten en gelet op het feit dat lopersknie vaak na een tijdje opkomt heeft vermoeidheid en inefficiënt lopen er zeker mee te maken. Daarom de volgende tip: Probeer eens een tijdje heel bewust op de blote voeten te lopen met een hogere cadans ( aantal passen per minuut) dan gewoonlijk en probeer ontspannen te lopen. Ongeveer 1 à 2 kilometer kan al voldoende zijn. Automatisch gaan je spierkettingen zich aanpassen en verdwijnen de meeste onbalansen. Gericht trainen vlakt de rest van de problemen uit en zo kom je tot een soepele oplossing van lopersknie.

Voor info rond looptrainingen die je stijl onder de loep nemen, http://footrooms.academy/

Een hele leuke website om wat meer tips te vinden rond revalidatie van lopersknie is http://www.amstelfysio.nl/blog/hardlopen/hardloopblessure/verban-de-lopersknie/

Succes !!

 

Geen gevoel in mijn tenen!

Soms zit de oorzaak van een voetprobleem niet waar de hinder of pijn zit. Een vaak voorkomend euvel bij een hardloper zijn gevoelloze tenen. Er zijn verschillende oorzaken echter eentje moet je altijd direct nakijken, de spieren die op je kuitbeen liggen. De peroneus-groep zijn minstens met drie en sturen onze voet aan – plaatsen op de grond, optillen, losschudden – en hebben geen tegenhanger wat inhoudt dat ze al het werk zelf moeten doen en dus als eersten vermoeid geraken. Daar krijg je dus vermoeide onderbenen van. Tip is dus om altijd die spieren te masseren als je last hebt van gevoelloze tenen. Succes!

Cadans?

Cadans is het aantal stappen dat je zet per minuut. De norm is zowat geworden tussen de 170 en 190. Om hierin te slagen moet je paslengte niet te groot zijn. Voor veel atleten vraagt het een behoorlijke aanpassing om dat ritme te pakken te krijgen en vol te houden. De training van vandaag stond in het teken van die cadans – hoe krijg ik hem te pakken en hoe maak ik snelheid zonder die cadans te verliezen.

Meerdere wegen leiden naar Rome, er zijn dus verschillende manieren om de juiste cadans te vinden, vol te houden en maximaal te laten renderen. Dit artikel beschrijft er één van.

  • Ga mooi rechtop staan en hel een beetje naar voor met een volledig recht lichaam. Tot het punt waarop je voorvoet onder druk staat en je tenen grijpen. Nog verder hellen zou eindigen met je gezicht op de grond.
  • Begin nu traag je ene en dan je andere been op te tillen en ter plaatse te trappelen. Dit kan zwaar aanvoelen. Verhoog stilaan je ritme tot het comfortabel aanvoelt. Dit volhouden kan je zeer lang. Indien de cadans te snel aanvoelt, verminder dan tot je een cadansritme vindt dat je gemakkelijk langere tijd kan volhouden.
  • Hou dit ritme altijd aan en hel nog een beetje meer naar voor. Je zwaartepunt komt naar voor en je begint te lopen. Het doel is om dat pasritme (cadans) aan te houden en je zwaartepunt zo ver mogelijk naar voor te krijgen. Merk op dat je cadans misschien nog iets hoger gaat tijdens het lopen.
  • Dit is de eerste fase van een goeie loopbeweging.

TIPS: doe dit eventueel op blote voeten en je zal zeer snel een lichtvoetige techniek aanleren.

Loopefficientie en loopschoenen

Naar aanleiding van het interview op Radio 1 van een paar weken geleden rond dure loopschoenen en blessurepreventie, moeten er toch een paar zaken toegevoegd worden aan het leuke debat om te vermijden dat het idee ontstaat dat dure loopschoenen of goedkope geen verschil maken en dat een paar van bv. 50 euro evenwaardig is als een paar van 150 euro voor alles. Er is wel degelijk een verschil tussen dure en goedkope loopschoenen als je kijkt vanuit het ontstaan van de schoen, zijn doel, zijn afwerking, zijn levensduur.

En minder naar de relatie tov blessures, daar is de interessante vraag ‘ kan je met loopschoenen blessures vermijden en/of oplossen ?‘ Hier is naar mijn gevoel de factor loopstijl dominant en is het belangrijk dat de geschikte schoen aan je voeten belandt om die loopstijl te ondersteunen. En daar wringt het schoentje.

Een ontwerp kost geld

Elke loopschoen is een verhaal ontstaan in het hoofd van een ontwerper op basis van observatie van atleten of van zichzelf. Het gaat hier uiteraard niet over de kleuren maar wel over het basisidee van een bepaald type loopschoen. Om een voorbeeld te geven; altra loopschoenen zijn ontstaan vanuit een visie rond natural running , hoka running is ontstaan vanuit een noodzaak voor meer demping op rotsachtige ondergrond en ga zo maar door. Zelfs in de geschiedenis van de loopschoen zijn de grootste verbeteringen terug te brengen op de idee van in casu een loopcoach ( Bowerman) om zijn atleten beter te laten presteren door meer grip te geven ( wafelzool). Het is bijgevolg  belangrijk om te ontdekken wat voor jou als loper het verhaal is dat bij je past. En dat is niet evident om zomaar te achterhalen. Maar dat ontwerpen maakt een schoen wel duurder.

Marketing vertelt een verhaal

#PhilKnight geloofde niet zo in reclame en vanuit het standpunt ‘de juiste schoen voor de juiste loper’ kan ik hem volgen ( bron: SHOE DOG). De markt van loopschoenen is big business, studies proberen in kaart te brengen wanneer mensen lopen, waar ze lopen, welke wedstrijden ze leuk vinden. En op basis van die studies worden schoenen gebouwd. bv. een studie die zegt dat de gemiddelde jogger per week 3 K loopt zorgt ervoor dat fabrikanten een schoen bouwen die dat aankan en ongeveer een jaar meekan. Tijd voor een nieuw paar en zo hou je de omzet op peil. Een loopschoen is niet meer gemaakt om tot in de eeuwigheid mee te gaan. Belangrijk voor elke loper is nu net in dat walhalla van verschillende schoenen het type te vinden dat bij zijn loopprofiel past, en daar is je spontane looppatroon ( je manier van oa je voeten plaatsen) een onderdeel, evenzeer speelt je trainingsgebied, … een rol. Technische analyses van loopschoenen ondersteunen die zoektocht gedeeltelijk echter meestal worden de schoenen in dat artikel getest door atleten ervan uitgaand dat er een standaard manier van afrol is voor iedereen. En een schoen dient daaraan te beantwoorden. Reclame helpt niet bij je goeie keuze maken, maar maakt die schoen duurder. Het helpt wel om het bestaan van een bepaalde oplossing te kennen.

Tijd voor een andere indeling

Daar wringt er iets. Bepaalde loopschoenen vertrekken vanuit een hiellander , andere vanuit een voorvoetlander en nog andere zijn ideaal voor wie op de middenvoet landt. Belangrijk is dan ook dat de analyse van een loopschoen opgedeeld wordt, niet in categorieën zoals neutraal, lichte overpronatie, zware overpronatie zoals vroeger maar vanuit catergorieën zoals hiellanden, landend op de voorvoet, landend op de middenvoet. En dat er bovendien meer nuance gelegd wordt in de geschikte ondergronden en de mogelijke ondersteunende functies. bv. altra running vermeldt welke schoenen ook je loopstijl triggeren. Echter daar is een andere distributie voor nodig. Zonder gedegen advies en opleiding krijg je het niet uitgelegd aan een hardloper dat er verschillende loopstijlen bestaan en dus verschillende schoenen en dat het voor hem of haar nuttig is om te zoeken naar zijn optimaal looppatroon waar een bepaalde schoen bijhoort. Het is echter veel eenvoudiger om een schoen voor een breed publiek te maken zonder diepgang.

Bloemlezing: Duur versus goedkoop 

Goedkope loopschoenen hebben een aantal gebreken ( ze houden hier minder rekening mee) :

  • produktontwikkeling / visie
  • afwerkingsgraad ( gebruikte materialen)
  • specifieke doelgroep

Produktontwikkeling

Een loopschoen ontwikkelen en testen kost geld. De basisinvestering voor een schoen omvat behoorlijk wat research en analyse van niet alleen de markt als trend maar vooral vanuit de verwachte oplossing en hoe specifieker de idee achter een schoen, hoe duurder hij wordt doordat de vraag beperkter is naar dat type oplossing. Loopschoenen worden ontwikkeld voor een bepaald doel. Trailrunning loopschoenen gedragen zich op asfalt anders dan in de bergen. Hoe specifieker een fabrikant schoenen bouwt voor een bepaald doen, hoe duurder. Goedkopere schoenen worden simpel gehouden en zijn naar mijn gevoel meer gericht op de brede markt van gemotiveerde gelegenheidslopers, minder op hardlopers die een bepaald doel nastreven. Op zich is daar uiteraard niets mis mee, echter dat allemaal op één hoop gooien om een studie te doen vind ik te simpel. Een schoen testen over bv. 1000 K en hem dan bekijken zou wel eens kunnen geven dat de goedkopere schoenen minder goed scoren. Echter nu wordt er meestal een paar keer mee gelopen over afstanden van 5 à 10 K om de analyse te doen, heb ik het gevoel.

Afwerkingsgraad

Een mooi afgewerkte schoen is duurder dan een snel afgewerkte schoen:

  • Mocassin genaaide schoenen ( bovenwerk is aan de binnenzool genaaid) vragen behoorlijk wat kunde.
  • Pasvorm is prettiger afgewerkt bij duurdere modellen.
  • Materialen zijn vaak duurzamer. Ook al wordt er gewerkt met steeds lichtere materialen.

Gebruik

  • Iedereen kan met elke loopschoen lopen zolang je geen grote afstanden aflegt. Een goeie loopschoen herken je maar wanneer de afstanden langer worden en de ondergronden moeilijker. Topatleten die sponsoring krijgen, lopen gemiddeld 1 paar loopschoenen op per 14 dagen. Die kan je alles geven.
  • De meesten onder ons doen behoorlijk langer met 1 paar. Dan merk je een verschil tussen duur en goedkoop.
  • De techniciteit van de schoen maakt hem wel kwetsbaar. Hoe technischer de schoen, hoe duurder. Heb je een technische schoen nodig? Sprinten kan je niet optimaal doen op klompen.
  • Een loopschoen verandert tussen de 200 en 500 K. Goedkopere naar mijn gevoel al na 200 K en duurdere na 500K

 

 

En daarmee zijn we terug belandt bij de zoektocht naar welke loopschoen bij jouw loopstijl past. Om dit te achterhalen dient naar mijn gevoel de manier van testen van een atleet te veranderen. Daar zit volgens mij iets fundamenteel verkeerd. De basis voor een volgend artikel dus.

 

 

 

Het tweede artikel rond sportreflexologie, ook verschenen in De Reflexoloog

DEEL 2

Tekst: John Rooms

In dit artikel verlaat ik het pad van de typische hardloopblessures en bespreek ik een aantal praktijkvoorbeelden waarbij voetreflexologie het inzicht aanreikt voor de aanpak van een bewegingsprobleem binnen de sportreflexologie.

Een bewegingsprobleem in een deel van het lichaam heeft altijd een effect op zones op de voeten, soms spiertechnisch, soms verbonden met een orgaan, en kan efficiënt behandeld worden. Dat onderscheid aanvoelen is meestal subtiel en komt naarmate men meer praktijk in de vingers heeft, maar die waarneming is er altijd. Dat was voor mij een bijzondere ervaring en die kwam er door dieper in te gaan op Dwight Byers zijn aanpak voor hielspoor.

Sportreflexologie zit naar mijn gevoel tussen kinesitherapie en osteopathie, waarbij het eerste vooral spier- en gewrichtstechnisch werkt en de tweede discipline de beweeglijkheid van de organen centraal stelt. Binnen mijn aanpak probeer ik deze twee werkwijzen samen te brengen met als leidraad de zonetherapie, die helpt om het juiste inzicht en de aangepaste aanpak te bekomen. Het zijn dus de gekende zones op de voeten en de handen, die aangeven waar een “probleem” zoal mee te maken heeft. Een eenvoudig voorbeeld is hielspoor. De pijnlijke zones zitten letterlijk op de gebieden die uit balans zijn: de blaas, de ischias, de dunne darm, in sommige gevallen de urineleider of de nieren. Zo mag je het dus bekijken. De klant heeft bewegingstechnisch een probleem en je gaat op zoek naar zones op de voeten die de onbalans weergeven. Uiteraard zal het niet altijd zo eenvoudig zijn als bij hielspoor maar de aanpak is dezelfde. Een spiertechnisch probleem heeft vaak organisch een weerklank. Met zonetherapie leg je de impact van een bewegingsbelemmering op het volledige lichaam bloot. Mijn werkwijze is anders omdat er zowel op de voeten (handen) als op het lichaam gewerkt wordt. Indien je dit liever niet doet, kunnen de zones je wel helpen om een klant inzicht te geven in de complexiteit en door gericht advies kan je hem of haar door verwijzen naar een andere therapeut die dan verder op lichaam kan werken.

Ik kan niet genoeg benadrukken dat onze rol als reflexoloog verder gaat dan de zones bewerken en toelichten. Ik hoop dat met dit artikel het inzicht komt dat door dagelijks op z’n voeten rond te lopen iedereen z’n eigen reflexoloog is. Hierdoor geloof ik dat we niets verkeerd kunnen doen. Het is het belangrijk te aanvaarden dat een bewegingsprobleem vaak door een overbelasting komt die waarneembaar is in de voeten, en dat de voeten de echte spiegel van ons lichaam zijn. Door het verleggen van de balans en de voeten anders te belasten, stimuleren wij onze eigen gezondheid. Het is onze rol als reflexoloog om onze cliënten op te voeden om goed te bewegen. Dus niet enkel beginnen bewegen maar juist bewegen met die voeten. De rest van het lichaam, daar weten we zeer veel over, maar hoe we best onze voeten zetten, is een ander verhaal. Door een aantal voorbeelden probeer ik verbanden uit te leggen die op het eerste zicht niet samen horen. En misschien zal je het op het einde van dit artikel normaal vinden dat de schouder links pijn kan doen als de rechter grote teen vastzitJ.

Lage rugpijn

In dit artikel sta ik stil bij verschillende vormen van rugpijn waarbij reflexologie met het juiste protocol wonderen doet. De volgende keer zal ik het hebben over buikpijn, ademhalings- problemen, vermoeide benen,…

 

Vaststelling 1: vierkante voetzoolspier en lage rugpijn

 

Beschrijving

De vierkante voetzoolspier verbindt het hielbeen met buigers van de tenen en wordt ook de vijfde buiger genoemd. De reflexzones zijn dunne darm, ischias, dwarse dikke darm als primair. Blaas, urineleider en nieren als secundair.

Manipulatie

Door het intensief bewerken (masseren) van de vierkante voetzoolspier verdwijnen lage rugpijnen. Naar mijn gevoel is het soepel maken van deze dominante spier in het plantaire gedeelte van de voet de sleutel tot het loskrijgen van de verschillende voetbeentjes. Hierbij kan ik mij voorstellen dat wanneer de spier aangespannen staat de voetboog zelf aan beweeglijkheid inboet en dus ook de voetbeentjes. Wanneer er iets meer ruimte komt en deze spier soepel komt te staan, daalt de spanning op de voetboog en kunnen ook de voetbeentjes beter bewegen. Hierdoor wordt zowel het wandelen als het lopen comfortabeler doordat de voetzool zich mobieler kan gedragen na contact met de grond.

Interpretatie

Het soepel neerkomen van de voeten op de grond stimuleert ook de andere spieren om veerkrachtiger te reageren en de impact van de schok op te vangen waardoor lage rugpijn als gevolg van “voetstijfheid” opgelost raakt. Dit verschijnsel zal dan ook nog terugkomen bij het bewerken van een aantal andere spieren.

 

Vaststelling 2: soleus en lage rugpijn

 

Beschrijving

De soleus spier is de derde kuitspier en werkt mee in de flexie van de voet. Daarnaast speelt ze ook een rol in het terugpompen van het bloed naar het hart. Ze kan vastgenomen worden aan de binnenzijde van het scheenbeen. Naar reflexzones heb je primair best aandacht voor de wervelkolom en secundair voor de blaas en de heup.

 

Manipulatie

Het masseren van de spier stimuleert de doorbloeding van de kuiten en de voeten en het gevoel van zware benen verdwijnt. Door de kuitspier bovendien los te schudden krijg je een kettingreactie naar boven toe en merk je dat lage rugpijn als gevolg van te strakke of stijve spieren verdwijnt. Let wel op om altijd in de richting van het hart te strijken en niet net naast het scheenbeenbot te drukken. Je kan perfect werken met ofwel de lopende duim ofwel met de vingers om naar boven toe druk te zetten. Los schudden doe je voorzichtig door met de ene hand de kuit te nemen en met de andere hand het bovenbeen.

Interpretatie

Het bestaan van spierkettingen is een mogelijke verklaring. Elke ketting is een aaneenschakeling van verschillende op elkaar inspelende spieren en deze kunnen door hun werking gespannen komen te staan door onder andere het constant uitvoeren van dezelfde bewegingen. We noemen dit functioneel1 aanpassen waardoor de maximale beweeglijkheid verdwijnt. Door hierop te werken bekom je terug een ontspannen stand met een gunstig effect op de lage rug.

 

Vaststelling 3: psoas major en lage rugpijn

 

Beschrijving

 

Deze dominante spier begint aan de vijf lumbale ruggenwervels en loopt via het bekken naar de binnenzijde van het dijbeen om aan te sluiten op de trocanter minor. De zones die hiermee overeenkomen zijn primair de lenden, het sacrum, de bovenkant van de blaas en de ischiaslijn.

Manipulatie

Door de psoas behoorlijk te manipuleren zowel op de voeten (zie vorig nummer) in de driehoek tussen blaasgebied, urineleider en voetboog, als op het lichaam komt deze spier los en ontspant ter hoogte van de lage rug. Rugpijn is vaak direct verdwenen. Het direct bewerken doe je best door de vinger aan de binnenkant tegen het bekken te zetten, lichtjes de dikke darm “weg te duwen” en loodrecht zachte druk te geven. Niet hard drukken!

Interpretatie

De functie van de spier is de benen tillen. Door echter constant in een bepaalde houding te zitten of te bewegen kan ze gespannen geraken als gevolg van bijvoorbeeld slechte doorbloeding. Ze verhardt en verliest haar beweeglijkheid. Bijkomend kunnen er triggerpoints ontstaan op deze spier waardoor gedeeltelijk functieverlies optreedt. Het is vaak moeilijker om dan een verband te zien tussen lage rugpijn en de psoas major. Behoorlijk wat sporters kampen met een verkorte psoas wat hun prestatievermogen naar beneden haalt. Minder presteren wordt dan een spierprobleem maar zo wordt het zelden gezien.

 

 

Vaststelling 4: fascia tussen achilles en enkelbot en lage rugpijn

 

Beschrijving

Fascia of bindweefsel wordt gezien als een vlies dat onder andere spieren omgeeft, maar mijn aandacht gaat vooral naar het fascia superficialis, het oppervlakkige bindweefsel dat ik persoonlijk zie als een fijnmazig netwerk waardoor ons gehele lijf niet alleen vasthangt maar ook door druk kan beïnvloed worden.

 

Manipulatie

 

Dit punt masseren ontspant de achillespees en het enkelgewricht wordt soepeler. Hierdoor kunnen de kuitspieren veilig op lengte gebracht worden (niet gestretcht) en ontspannen spierkettingen naar boven waardoor lage rugpijn, zenuwirritatie in de benen, enzovoort verdwijnen.

Interpretatie

Persoonlijk zie ik fascia als een soort primair verbindingssysteem tussen alle onderdelen in ons lichaam en door subtiel hierop te werken bekom je reacties in andere delen van het lichaam.

Dit is een vrij uitgebreid protocol dat ik graag voorstel tijdens de bijscholing in het najaar.

 

Vaststelling 5: nieren en lage rugpijn

 

dit verneemt u op de eerste bijscholing rond sportreflexologie of via een opleidingsdag die ikzelf organiseer.